Site pictogram Seniorenkrant

Peter weet het beter:

Corona_Foto_www.freepik.com

Na de tweede wereldoorlog zou alles anders worden. Dat wist iedereen zeker. Er zijn inderdaad wel dingen veranderd, maar veel bleef ook bij het oude. Hoe zou dat nu zijn na de coronacrisis? Laten we eens kijken waar we staan en waar we mogelijk naar toe gaan.

ZOONOSE  Voor de coronacrisis hadden veel mensen nog nooit van het woord zoönose gehoord, al wordt daar al jaren veelvuldig aandacht voor gevraagd door de Partij voor de Dieren. Voor degenen die niet weten wat het betekent: een zoönose is een infectieziekte die van dieren op mensen overspringt. De ziekte van Lyme en Ebola zijn hier voorbeelden van. Ook het coronavirus is een zoönose. Wetenschappers waarschuwen al jaren voor het gevaar van zoönoses. Ondertussen zijn wij er ook achter: zoönoses zijn gevaarlijk voor de samenleving. Maar hoe voorkomen we deze ziektes? We kunnen alleen iets doen in onze eigen omgeving. Roepen dat China moet veranderen kan, maar uiteindelijk hebben we daar weinig invloed op. Waar we wél wat aan kunnen doen is bijvoorbeeld de intensieve veeteelt. We hebben de gekke koeienziekte, varkenspest, vogelgriep en Q-koorts gehad. Allemaal ziektes die afkomstig waren van een dier en direct invloed hadden op de volksgezondheid. Het lijkt daarom logisch om afscheid te nemen van de intensieve
veeteelt.

KLIMAAT Als we wat verder kijken dan kunnen we niet ontkennen dat er veel mis is met het klimaat: overstromingen, branden, sprinkhanenplagen, grote temperatuurverschillen, dan weer heel droog en dan weer heel veel regen. Door de coronacrisis hebben we gezien dat dichter bij huis produceren veel voordelen biedt. Allerlei fabricageprocessen stagneerden omdat bepaalde onderdelen niet geleverd konden worden door de lockdown in onder andere China. Nederlandse bedrijven sprongen in dat gat en gingen de benodigde producten zelf maken. Meer in eigen land produceren scheelt veel transport en is dus beter voor het klimaat. We hebben eveneens geleerd dat al die zakenreizen met het vliegtuig lang niet altijd per se nodig zijn. Vergaderen op afstand gaat prima. En een vakantie in eigen land is ook heerlijk.

ECONOMIE Ook economisch valt er veel voor te zeggen om meer plaatselijk te produceren. Denk maar eens aan de medicijnen en de medische hulpmiddelen; ineens waren er enorme tekorten. Ooit hadden we
een eigen wereldmarktleider op het gebied van medicijnen, Gist-Brocades. Die hebben we laten wegconcurreren door Indiase en Chinese bedrijven. Met als gevolg dat we afhankelijk zijn geworden van die landen.

Naast lokaal produceren is ook het lokaal kopen van producten aan te bevelen. We hebben gezien hoe erg de coronamaatregelen erin gehakt hebben voor veel kleine bedrijven. Steun daarom de ondernemers in je buurt. Daarmee ondersteun je de plaatselijke economie en dus je buurman. Een ander aspect is dat veel bedrijven hebben ervaren dat werknemers, onder bepaalde voorwaarden, best een dagje thuis kunnen werken. Dat scheelt in de reiskosten en in de filevorming.

SOCIAAL                                                                                                                                                                Op sociaal gebied hebben we ondervonden hoe belangrijk onze hulpverleners in de gezondheidszorg zijn. Het wordt tijd dat we meer doen dan alleen voor hen klappen. Ouders hebben ervaren dat het geven van onderwijs geen sinecure is. Velen waren blij dat de kinderen eindelijk weer naar school konden en veel kinderen verlangden zelfs zelf terug naar school. Het is wat mij betreft nog duidelijker geworden dat marktwerking in de gezondheidszorg en het onderwijs niet zo’n goed idee is. Zelfs laboratoria bleken elkaar te beconcurreren; liever schaarste dan een opdracht naar de concurrent.

En dan nog onze ouderen. Die waren enorm kwetsbaar en hadden vóór alles behoefte aan mensen om
hen heen. Liever bezoek krijgen met de kans op besmetting, dan geen corona maar in eenzaamheid leven.

CONCLUSIE Als we alles op een rijtje zetten dan kunnen we een aantal vragen stellen. Gaan we straks minder vliegen? Kopen we producten dichter bij huis? Gaan we minstens één dag in de week thuis werken? Komt er een herwaardering van de medewerkers in de gezondheidszorg en het onderwijs? Verdwijnt de marktwerking uit deze sectoren? Gaan leerlingen het werk van hun docenten meer waarderen? Zullen mensen tot de conclusie komen dat er belangrijker zaken zijn dan geld verdienen en daar naar gaan handelen? Welke waarden zijn het belangrijkste als het om geluk gaat? Zullen we beter omgaan met de natuur? Gaan we afscheid nemen van de ieder-voor-zich-mentaliteit? Gaan we inzien dat marktdenken vaak niet werkt? Gaan we beseffen dat we bij bedrijven niet alleen moeten kijken naar de korte termijn?

De toekomst zal het leren. Na de Tweede Wereldoorlog waren de verwachtingen hoog gespannen. Wat ik van mijn zus, een oorlogskind, heb begrepen is dat de belangrijkste verworvenheid direct na de oorlog was dat de kinderen schromelijk verwend werden…

Mobiele versie afsluiten